zaterdag 2 december 2017

Drie kantjes moederliefde

Lezers van het eerste uur weten het vast nog wel. Onze zonen hebben een ongewoon grote belangstelling voor de Tweede Wereldoorlog. 

Ons oudste Polletje spant de kroon. Hij heeft er een bijzondere neus voor en zijn belangstelling groeit alleen maar met de jaren. Overal en nergens haalt hij spullen uit de Tweede Wereldoorlog vandaan. Hij koopt het een en ander, maar krijgt ook regelmatig wat. Mensen weten hem inmiddels te vinden en vertrouwen hem steeds meer spulletjes toe. Soms heel persoonlijk waardevol materiaal. En hij dóet er ook echt wat mee. Hij onderzoekt, ontcijfert, vertaalt, verbindt, speurt op internet en legt contact met het NIOD en met veteranen en nabestaanden. Sommigen zijn blij met zijn informatie, belangstelling of vragen, anderen helemaal niet.

Een tijdje geleden kocht hij een veldpostbrief van een handelaar. Een Duitstalige brief, geschreven in december 1944, die niet bezorgd kon worden, omdat de geadresseerde inmiddels krijgsgevangen was genomen en zoek was. Drie kantjes moederliefde aan haar zoon die eerst ergens bij Nijmegen gelegerd was.
Polletje zocht het uit. Hij wist ongeveer waar hij het zoeken moest in het verre, verre Duitsland. Deze zoon was toentertijd bezig met een opleiding voor opticien. In Hermsdorf bleek nu nog een optiek gevestigd te zijn, gerund door de dochter van. Op Polletjes e-mails werd niet gereageerd. Polletje liet toen een Duitse vriendin naar de optiek bellen en legde zo contact. De soldaat van toen is nog in leven, 91 jaar oud, en heeft door de inspanningen van Polletje een paar weken geleden dan toch eindelijk de 73 jaar oude brief van zijn moeder in handen gekregen en kunnen lezen. Hoe gaaf is dat!




donderdag 23 november 2017

Breibedrijf De Grijze Geitenbreister

Laatst kreeg ik een leuk verzoek van iemand. Ze had ooit, in een grijs verleden, wol gesponnen en getwijnd en van iemand anders een mouwvestje gekregen dat net niks was. Dat vestje was gebreid van ook zelfgesponnen én zelfgeverfde wol. Met kleurstoffen uit de tuin van die creatieveling. Lekker onregelmatig en zo puur en écht! Of ik er wat mee kon. Want ik dreigde in een gat te vallen, omdat mijn eigen breiprojectje bijna af was.
Ik moest er even over nadenken, maar bedacht toen dat ik er wel een streepjesvest voor haar van kon brouwen.
Het was net een klein baby'tje in de buik, dat vest. Ik schreef tijdens het breien aan de opdrachtgeefster het volgende:
Je vest is nu bijna 3 weekjes oud en nog heel klein, 17 cm (maar het hartje klopt al). Het heeft drie strepen, waar ik nog steeds over twijfel. Uithalen kan altijd nog / nog altijd... In de komende weken zal ie een groeispurt doormaken! Slechte sfeerfoto's vind je in de bijlages en gil ajb heel hard als je het nu al niks vindt. Je bent altijd welkom voor een pretecho!

Mensen, ik vind breien zo fijn. Een uurtje breien per dag scheelt hele centimeters kwik op de bloeddrukmeter. Die draad glijdt zo heerlijk door je handen, krult zich zo gezellig om de naald heen en tegelijkertijd kun je wegdromen, lezen (met wat moeite, maar het lukt), naar iets luisteren of tv-kijken. Deze wol is zo zacht en natuurlijk; mijn handen hebben een complete schoonheidsbehandeling ondergaan door dat wolvet.



En nu is het vest af. Gelukkig gaat de opdrachtgeefster de 359 draadjes zelf wegwerken. Of niet, want je ziet er niets van. 
En val ik nu in een gat? Nee, inmiddels ben ik alweer begonnen met een nieuwe opdracht. Een vest voor mijn lieve moedertje. 

zaterdag 21 oktober 2017

Scherp

Omdat ik, ondanks bril, soms wel heel erg met mijn ogen moet knijpen om het een en ander scherp te kunnen krijgen, maakte ik maar eens een controleafspraak bij de brillenwinkel. Zo'n grote keten, ik zal geen naam noemen. Na een kort vooronderzoek door assistente met pufjes ('U doet het prima, hoor') en de vraag of ik ook een hooronderzoek wilde ('Nou nee, ik hoor al meer dan me lief is') werd ik in een open kamertje geplant. Op een veel te hoge stoel. Daar kon ik al benenbengelend minstens tien minuten luisteren naar een kletspraatje over niets tussen mijn toekomstig oogmeter en een collega. Tien minuten! En ik maar wachten... Daar kan ik niet bij, hoor. Je maakt toch een afspraak?
Ik begon te twijfelen aan deze missie. Had ik niet beter de oogarts kunnen inschakelen? Daar moest ik toch binnenkort heen.
Eindelijk kwam de oogmeter dan binnen. Die moest meteen alles van me weten. Of ik ook medicijnen gebruik. En aan ziektes lijd. Ja, maar dat staat allang in het dossier wat ze zorgvuldig lijken bij te houden. Ze typen er elke keer langdurig in. Daarom ga ik naar die zaak, dat ik niet alles opnieuw hoef te vertellen. Of ik ze toch even opnieuw wil opnoemen. Nee dus. Daar had ik geen zin in. Het is daar gewoon een commerciële winkel en ze pretenderen van alles, maar mijn medicijngebruik vind ik behoorlijk privacygevoelige informatie die ik niet met jan en alleman hoef te delen. Zeker niet met iemand die duidelijk die informatie niet kan duiden. En ook niet hóeft te duiden, dat doen de specialisten wel.
Ik noemde alleen Plaquenil omdat dat middel duidelijk invloed heeft op het oog en de dosering ervan onlangs is gewijzigd. Vervolgens noemt de erkende, opgeleide en zogenaamd deskundige oogmeter dat middel consequent Plakkonie. Mijn vertrouwen in de zaak nam zienderogen nog meer af.
Eindelijk begon hij dan te meten. Dat bleek een probleem. Ik ben onmeetbaar. Op rechts. Dat oog doolt en zwalkt maar wat rond. En dat lag aan de Plakkonie, dacht hij. Ik moest over twee weken nog maar eens terugkomen, dan zou het misschien wel beter gaan, omdat het oog nog moest wennen aan de andere dosis (het linkeroog blijkbaar niet). 'Want, mevrouw,' zei hij zwaarwichtig: 'Het lichaam reageert heel erg op medicijnen, hoor. En het oog is ook een deel van het .... lichaam!!!!' Tssss, nou zeg. Wat een openbaring. Dat ik dat nu pas hoor, zeg.
U begrijpt dat mijn vertrouwen tot onder het nulpunt was gedaald. Maar nog trok ik mijn mond niet open. Ik liet alles maar weer over me heen komen. Ook het eindeloze getyp bij het maken van een vervolgafspraak. Zit ik daar over twee weken weer. Of niet. Want ik zie opeens heel scherp: ik moet daar niet meer naartoe.

zondag 15 oktober 2017

Intern verhuisd

Misschien heeft u gemerkt dat ik even niet op mijn blog te vinden was.
Dat kwam zo: laptop kapot - trui gebreid - veel boeken-die-ik-niet-kon-wegleggen gelezen - een interne verhuizing. Met alle materialen in mijn praktijk (voor remedial teaching) barstte ik bijna uit de ruimte. Beetje lastig als er dan ook nog leerlingen in moeten. Daar waren we druk mee, want die nieuwe ruimte moest eerst zo'n beetje chemisch gereinigd worden (na zoveel jaar intensieve puberjongensbewoning).



Daarna de 524 gaten in de muur gedicht, de boel wat vlakker proberen te krijgen, geverfd, behangen en ingericht. Ik ben niet zo van de pippilangkousgedachte - ik heb het nog nooit gedaan, dus ik denk dat ik het wel kan -, maar toch lukte dat behangen best aardig (alleen gemakkelijke stukjes, hoor).



Sinds vorige week heb ik er mijn intrek genomen en daarmee is de grootte van de praktijk meer dan verdubbeld. Het is mooi geworden; een fijne ruimte waarin het denken en handelen veel gemakkelijker lijkt te gaan. Zo leuk om ook te zien hoe mijn leerlingen erop reageren: ze genoten zienderogen van het werken op deze plek (het gebakje dat ze kregen hielp daar ook wel bij😀).





woensdag 20 september 2017

Dat helpt niet

Ik word oud, grijs en stram. Mijn knieën hebben na het opstaan wat tijd nodig  voor ze weer gesmeerd willen buigen. 's Morgens zie ik kreukels in mijn gezicht, maar die trekken snel weg. Ochtendrimpels, bestaat dat? En er zijn ook al ouderdomswratjes gesignaleerd. Het woord alleen al.
Voor je het weet voel ik me ook nog oud. Dus kocht ik hippe sneakers en dat helpt. Een beetje. Als ik niet te veel in de spiegel kijk heb ik echt het idee een frisse brunette te zijn. En zie ik mezelf imaginair fietsen lijk ik wel een vlotte twintiger.
Maar soms word ik weer met mijn neus op de feiten gedrukt en spat dat beeld weer uit elkaar:
Leerling: Mijn vader is overovermorgen jarig.
Ik: O, dus zaterdag feest! Hoe oud wordt hij? (vreselijk nieuwsgierig natuurlijk)
Leerling: 39. En u bent .... volgens mij 54.
Ik: Nee joh, zie ik er zo oud uit? Ik ben 46.
Leerling: Nou, mijn oma is 61 en die heeft nog geeneens grijze haren.

zondag 17 september 2017

Leescollectief

We hadden een mooi boek uit de bieb, we hoefden niets, het was zomer in Drenthe.

Eerst las ik het boek en moest ik mijn mond erover houden, want Grote Pol zou het ook lezen. Ik leefde in twee werelden. Toen het uit was, mocht hij. Ik had de tweede wereld vastgehouden en het was mooi dat hij ook die wereld in ging stappen. Je krijgt dan op de fiets van die conversaties als:
- Ben je al bij ...?
- Nee, ik ben nog bij dat ze ....
- O ja, heb je dan ook al gelezen dat ...?

- Zeg je het even als je gelezen hebt dat ze ...?
- Ik ben bij dat ze ...
- O, dan ben je er nog lang niet.

- Ik heb net gelezen dat ze ...
- Ja, erg hè? Maar het wordt nog veel erger.
- Niet verklappen. Dat zo'n vader dat doet en die moeder het goed vindt...

- Ik weet dat nog van vroeger, ik had ook zo'n ...
- O nee, in mijn tijd was dat nog niet. Bij ons hadden we een...

- Maar ik kan me wel voorstellen dat zo'n kind dan zo denkt.
- Ja, dat heeft ze goed geschreven, dat stukje.

Etc. etc. Het was een mooie zomer. Want daarna lazen we een heel ander boek samen dat ook nogal wat gespreksstof en daarmee verbondenheid opleverde.
Ik zou een gedicht willen kunnen schrijven over het geluksgevoel dat zoiets me geeft.
Gewoon, een eenvoudige vakantie in Drenthe, een wandeling, een fietstochtje en een goed boek. En Grote Pol.

Boeken:
De wensdagen, Patricia F. Wessels

Dagboek van een postbode, Viktor Frölke

dinsdag 29 augustus 2017

Hoe je van een cirkel een vierkant maakt en daardoor toch nog hip wordt

Deze zomervakantie stond in het teken van een aantal vaste, terugkerende activiteiten. Het zijn stuk voor stuk typische seniorenbezigheden, dus als u (sorry, je) jong en hip bent, hoef je niet verder te lezen. Alhoewel. Het is sowieso je voorland en ook jonge, hippe mensen doen deze dingen wel. Al dan niet aangevuld met hippe, avontuurlijker dingen. Zoals naar een festivalletje of twee, drie, eindeloos chillen, gamen,  met je telefoon spelen, uitslapen en shoppen. Ik denk nu even aan een specifiek jong en hip persoon. En ja, het is familie. Zeer nabije. En nee, ik ben niet gefrustreerd. Ik ben NIET gefrustreerd en ook zeker niet jaloers.

Wat ik deed?

Slapen, lezen, musea bezoeken, fietsen, wandelen en van cirkels vierkanten maken.

Van de eerste vijf dingen heeft u vast wel een beeld. En dat beeld klopt, kan ik u verzekeren. Over die musea hebt u nog een berichtje of twee te goed, en dat lezen komt ook nog aan de orde. Dat was namelijk heel leuk, omdat Grote Pol en ik een leescollectief vormden.

Het van cirkels vierkanten maken leg ik even uit, want daar heeft u dan weer helemaal geen beeld bij. Ik haakte me suf. Ik haakte 27 cirkels van restjes katoen. En toen haakte ik er een randje om en, floeps, toen werden ze vierkant. Daarna haakte ik ze aan elkaar en had ik, hupsakee, een tas gemaakt, volgens het gave idee van Ponnekeblom. Daar was ik dus wel een vakantie zoet mee. Maar dan heb je ook wat hipperdepips, waardoor ik opeens weer heel jong oog. Vind ik dan.



Ook nog binnenvakken, wowie.

(Maar de kleuren zijn in het echt veel mooierderder.)

zaterdag 26 augustus 2017

Nog een keer over (niet) slapen

(Vervolg van Vijf redenen om vannacht wakker te liggen. )

Zul je net zien. Ik sliep die onderzoeksnacht redelijk goed. Dat kwam natuurlijk door alle stress en slechte nachten vooraf en door de last van het dragen van die draadjes en dat kastje. Ik was blij dat ik mocht gaan liggen. Wel werd ik tien keer wakker, waarvan vijf keer vanuit de diepe slaap. Dat is toch wel een beetje veel te veel, vond ook de somnoloog, toen ze de slaapgrafiek bekeek.

Anderhalve week voor het onderzoek was ik al cold turkey gestart met me houden aan maximaal acht uur per etmaal in bed liggen. Heel weinig voor mijn doen. Ik lag er soms wel tien uur lang in om te proberen toch nog wat te slapen (en minstens een halfuur te lezen, want er is niets fijners dan lezen in bed). Maar door je lichaam en ziel te dwingen het te doen met die acht uur zou de slaapkwaliteit dus verbeteren. Ik merk daar nog weinig van, behalve dan dat mijn lichaam er wel aan went om om zeven uur op te staan. Overdag trek ik het soms amper tot niet. (En mijn boek heb ik nog steeds niet uit.)
Mocht dit niet helpen, dan is er wel een ander middel te bedenken, maar dat moet dan wel weer matchen met andere medicijnen en ziektes.

Om nu te proberen om beter door te slapen ben ik toch begonnen met het slikken van melatonine, ook al heb ik geen inslaapproblemen (maar wel een veel te laag melatoninegehalte). Soms werkt dat ook bij doorslaapproblemen. Ik word er 's avonds een willoze, duizelige lappenpop van (die eenmaal in bed nog geen bladzijde lang haar ogen open kan houden) en vooralsnog slaap ik er niet beter door. De dosering voer ik langzaam op, dus wie weet.

De reageerders op mijn vorige bericht wil ik bedanken. Met de tips ga ik mogelijk nog wat doen, maar eerst maar eens dit proberen. Iedereen heeft zo zijn slaappatroon en de een ligt niet wakker van een slaapprobleem (ik eigenlijk ook niet, maar ik heb er overdag zo'n last van: niet alert en veel te weinig energie), maar de ander dus wel. Vooral van wat Anoniem schreef schrok ik. Het lijkt me verschrikkelijk om nacht na nacht dit mee te moeten maken. Heel veel sterkte gewenst en ik hoop voor jou op volledig herstel.

Zo. Voorlopig even genoeg hierover. Ik wens u allen een goede nachtrust met zoete dromen en een ontspannen ontwaken!